Er zijn van de ochtenden dat als de zon doorbreekt in een zwaar grijs wolkendek het licht in goud dat boven het land blijft hangen. Alsof een gordijn wordt opengetrokken en de spots op de akkers, bonen en sloten schijnen. Het wijdse land met de horizon omgetoverd in een magische wereld. In stilte sta ik als een eenkoppig publiek ernaar te kijken.
De mens stelt eigenlijk niet veel voor in dit open landschap, wist al de schilder Jacob van Ruisdael. Mensen zijn op zijn schilderijen nietig in vergelijking met de luchten, stapelwolken, zonlicht en onweersdreiging. Het landschap vult het doek en de mens is slechts een kleine onopvallende toevoeging.
Soms kan ik haast filosofisch zwijmelen als ik buiten ben, dat merken jullie wel. Maar soms doorbreekt het buiten zijn en echt genieten wat we eigenlijk vanzelfsprekend vinden omdat we er dagelijks toch te veel met andere zaken bezig zijn en het zo niet meer zien.
Ik hou enorm van het weidse bijna oneindige landschap en hoop dat het nog lang zo mag blijven zoals Marsman het verwoorde in zijn ‘Herinnering aan Holland’:
Denkend aan Zeeland
Denkend aan Holland zie ik brede rivieren traag door oneindig laagland gaan, rijen ondenkbaar ijle populieren als hoge pluimen aan den einder staan; en in de geweldige ruimte verzonken de boerderijen verspreid door het land, boomgroepen, dorpen, geknotte torens, kerken en olmen in een groots verband; …………………….
Het schilderij van Van Ruisdael Gezicht op Haarlem (ca1670)
In Nederland vind je nog veel ‘oneindigheid’. Ik hou ervan, daarom fietsen we er ook graag.
De nietigheid van de mens is dan goed voelbaar én dat biedt troost, naast een immense schoonheid.
Mooi. Niets is beter voor de geest dan je ogen over het weidse landschap te laten glijden en weg te dromen. Dat kan (nog) op veel uitgestrekte plekken in Nederland.
Plaats een reactie